Hoe was je je handen?

download download print

Doelgroep: onderbouw

Benodigdheden:

  • Lavabo
  • Handdoek

Doelstelling:

Kinderen inzicht geven welke situaties niet kunnen op vlak van voedingshygiƫne.

Activiteit 1: Doe ik het goed ?

(individueel of in kleine groepjes)

De kinderen krijgen een werkblad waarop 9 prentjes staan (zie bijlage). Ze kleuren het bord rood of groen afhankelijk van de situatie die afgebeeld wordt. De verschillende situaties worden besproken. Bij foutieve situaties wordt er verwoord hoe het wel moet.

Situaties:

  1. Neus peuteren
  2. Zakdoek voor je mond houden bij het niezen
  3. Appel wassen
  4. Eten in de koelkast zetten
  5. Handen wassen
  6. Proeven van eten uit de kookpot
  7. Hond of kat eten geven terwijl je aan tafel zit
  8. Vliegen op etenswaren laten zitten
  9. Met de vaatdoek een morsplek opkuisen (andere persoon is aan het afdrogen) 

Activiteit 2: Hoe was je je handen ?

(klassikaal)

 Handwas1

Vijf makkelijke stappen.

 Maak je handen nat.

  • Doe er daarna vloeibare zeep op.
    Doe je best om niet te knoeien met water en zeep
  • Overal goed wrijven:
    Bovenkant, onderkant, ook tussen je vingers, en vergeet je duimen niet!
  • Grondig onder de kraan afspoelen.
  • Handen afdrogen met een propere handdoek of papieren doekje.

Activiteit 3: Wanneer was je je handen?

Handwas2

  • Voor het eten.
  • Na het toiletgebruik.
  • Na het niezen, snuiten of hoesten.
  • Bij vieze handen (ook na het spelen in de zandbak!)

 

 

Bijlage(n)